Berichten

Het is bomvol in het Koor van de St.-Janskerk

Burgemeester Pieter Verhoeve is op zaterdag 29 februari om 16.00 uur muzikaal welkom geheten in de St.-Janskerk. In het bomvolle middeleeuwse koor heeft Ars Musica onder leiding van Patrick van der Linden de toepasselijke Ratswechselkantate van J.S. Bach uitgevoerd. 

Gerben Budding
Dick Le Mair
Het koor werd begeleid door de stadsorganist van Gouda, Gerben Budding – die het initiatief voor dit concert heeft genomen –  en de Goudse paukenist Dick Le Mair. 
Hanneke Leroux
De cantate werd afgewisseld met bijdragen van voormalig stadsdichter Hanneke Leroux, die een noviteit had: een gedicht over de wijk Westergouwe, waar de burgemeester met zijn gezin binnenkort gaat wonen.  
Talitha Schaddelee
Ook de kinderburgemeester Talitha Schaddelee leverde een bijdrage aan het programma en sprak haar waardering uit over de goede samenwerking met haar collega Pieter Verhoeve 🙂

Bijzonder was dat dat de grote culturele instellingen (Museum Gouda, De Chocoladefabriek, Cultuur Garenspinnerij en de Schouwburg) en de St.-Janskerk een korte (of wat langere…) presentatie verzorgden over de activiteiten van hun instelling / kerk en daarbij ook een tipje van de sluier oplichten over het programma voor Gouda 750 in 2022. Het meest bijzondere vind ik dat de altaarstukken, die nu te zien zijn in Museum Gouda, tijdelijk weer in de St.Janskerk worden teruggeplaatst en een deel van de prachtige cartons van de Goudse glazen in Museum Gouda te zien zullen zijn rond de viering van Gouda 750.


Dankwoorden door burgemeester Pieter Verhoeve

We kunnen terugzien op een prachtig concert. Het laatste lied (bewerking van “Dramma per Musica zum Guburtstage der Königin von Polen, J.S. Bach) ging speciaal over Gouda en onze burgemeester en vormde zo een mooi slot voor het concert:
“Bloei, o Gouda in Holland, als ceders!
Schal met wapens en wagens en wielen!
Zing, muzen, uit volle borst!
Vrolijke uren, verheugde tijden!
Gun ons nog vaak de gouden vreugden:
Verhoeve, leef, ja, leef nog lang!”
Foto’s met dank aan Dick Le Mair en Harold Hooglander



Op 27 januari is op vele plaatsen in de wereld herdacht dat 75 jaar geleden Auschwitz door de Russen is bevrijd.
Deze herdenking vond ook in Gouda plaats. Zo’n 100 belangstellenden hadden zich deze avond verzameld bij het Metaheerhuis. Er werden indrukwekkende toespraken gehouden door burgemeester Pieter Verhoeve en voormalig stadsdichter Ruud Broekhuizen. 

Welkom door Anke Huisman, bestuurslid stichting Gouds Metaheerhuis

Ter afsluiting legden we allemaal een steentje op één van de 56 Stolpersteine die voor het voormalig Joods bejaardencentrum (pand bij het Metaheerhuis) in de stoep zijn geplaatst. 
De Stolpersteine vormen een soort graf voor deze mensen die nooit een graf hebben gehad.


Vaak laten bezoekers een steentje op het graf achter, ten teken dat men er is geweest en de doden heeft herdacht. De oorsprong van dit gebruik is oud en stamt mogelijk uit de oudtestamentische tijd, toen het Joodse volk een nomadisch bestaan leidde. Mensen werden begraven op de plek waar ze stierven en de graven werden gemarkeerd met hopen stenen. Soms werd de overledene op een harde grond onder een hoop stenen begraven. Om het graf in te markeren en te voorkomen dat de overledene werd opgegeten door dieren, werden er stenen op gelegd. Andere bezoekers vulden de stenen uit respect aan.

Hieronder volgen fragmenten uit de toespraken van  burgemeester Pieter Verhoeve en Ruud Broekhuizen:

Burgemeester Pieter Verhoeve
Burgemeester Pieter Verhoeve
“Op 27 januari 1944 werd Auschwitz bevrijd. Een fabriek waar systematisch 1,1 miljoen Joden zijn vermoord.
Een moordfabriek. Voor het vergassen van de slachtoffers, werden ze kaalgeschoren. Toen ik Auschwitz bezocht, heb ik het gezien. Honderden bossen haar, alsof ze net naar de kapper werden geweest. De Duitsers maakten er tentdoek van. Een moordfabriek met mensen als grondstof. (..)

Auschwitz. Met Duitse precisie kwamen de treinen aan. Stipt op tijd. Voor de treinkaartjes van de NS en de DB hadden de Joden zelf betaald. Niets wees bij aankomst op hun lot. Er stonden vriendelijke barakken, met gordijntjes en geraniums.
De moeder van de schrijver Arnon Grunberg zat ook in zo’n trein. Met haar eigen moeder. Wanneer je links uitstapte, werd je direct vergast. Wanneer je naar rechts liep, mocht je gaan werken in het arbeidskamp. Of andersom. De tragiek van het toeval. (..)



In 1942 werd in een villa in de buurt van Berlijn, aan de Wanssee, besloten tot een ‘Eindoplossing’.
‘Zullen we ze steriliseren?’
‘Nee, ook dat duurt te lang.’
‘Met v
ergassing en verbranding kunnen duizenden eenheden per dag worden verwerkt’.

Aldus geschiedde. De helft van de deelnemers aan deze conferentie was overigens gepromoveerd of zelfs hoogleraar.
Zo werden ook in Gouda Joodse burgers opgeroepen zich te melden op het station. Uiteraard werkten de NSB-burgemeester en de plaatselijke politie mee. Binnen een paar jaar werden 388 jongens en meiden, mannen en vrouwen, opa’s en oma’s afgevoerd en vermoord. Het is goed dat premier Rutte gisteren excuses aanbood voor het feit dat ook de Nederlandse autoriteiten deze praktijken uitvoerden. Dat geldt evenzo de Goudse autoriteiten van toen. Met als gevolg dat mensen van hier massaal werden vermoord. (..)


Is de Holocaust iets van toen? Is de Jodenhaat voorbij?
Nee. Het kwade is ook in ons nabij. Het uitsluiten van anderen gebeurt ook vandaag volop. 

Ook nu zijn er Joodse Gouwenaars die lastiggevallen worden. In december 2019 verscheen een aangrijpend interview met David en Miriam uit Gouda in ‘Joods Nu’. David is in 2016 zwaar mishandeld en uitgescholden terwijl hij een Gouds cafe bezocht. De daders zijn in hoger beroep vrijgesproken. De verbrijzelde heup en het bebloedde gezicht zijn genezen. De geestelijke wond schrijnt.
Mag ik u oproepen elkaar lief te hebben? Zoals in de Psalmen staat. Het liedboek van Israël. ‘Wijk af van het kwaad, doe het goede, zoek de vrede en jaag die na.’ Hoe kun je totalitaire ideologie voorkomen? Filosofe Hanna Arendt: ‘Ga op visite bij de gedachten van anderen. Koester diversiteit.’ (..)

‘Mama was links uitgestapt. Ik rechts. Ik was 17 jaar en vroeg of ik naar mijn moeder mocht. ‘Nein’ zei de kampbewaarder. Mijn moeder liep weg. Het zou de laatste keer zijn dat ik ze zag. Mama was 41 jaar toen ze vergast werd.”


Ruud Broekhuizen

Ruud Broekhuizen

“Het verhaal van Abraham is het verhaal van een man die ik ontmoet in het bos waar hij zijn eigen monument heeft opgericht. Een monument voor de vrouw met wie hij op 10 mei 1940 zou gaan trouwen, maar door het uitbreken van de oorlog op die dag kwam het nooit tot een huwelijk. Sterker nog, de aanstaande vrouw van Abraham, Golda, zou de oorlog niet overleven. Abraham wel. En al 80 jaar lang komt Abraham naar zijn monument in het bos, naar de plek waar ze zouden gaan trouwen. Om aan zijn Golda te denken.
Ik tref hem daar op een moment dat Abraham uit frustratie tegen de bomen in het bos staat te schoppen en de frustratie  uitschreeuwt. Die frustratie deed Donald denken aan het verdriet van zijn eigen vader die zich al die tijd afvroeg: waarom heb ik de oorlog overleefd en zoveel anderen niet. 
En daarmee staat het verhaal van Abraham voor het verhaal van zoveel Joodse mensen. Hij draagt niet voor niets deze naam. 
Abraham probeert na de oorlog zijn leven weer op te bouwen. Probeert ook weer de liefde te vinden, maar trouwen met de zus van Golda, omdat zij zijn verhaal zo goed kent en ‘ach het is een mooie lieve vrouw’, is niet genoeg voor een leven lang bestendige liefde. Het is het verhaal van zoveel Joodse mensen die na de oorlog hebben gezocht naar wat liefde is als je geschiedenis wordt getekend door de ultieme haat. Te worden gehaat om wie je bent. Om hoe je bent geboren. 
 

Soesja Citroen noemt de namen van omgekomen joden uit Gouda

Abraham probeert de geschiedenis nog enig recht te doen. Hij gaat rechten studeren, de advocatuur in, en probeert iedereen die heeft bijgedragen aan de dood van zijn Golda te vervolgen en te laten boeten. Maar hij ontdekt dat een leven geleidt door wraak en haat zo in zijn lichaam gaat zitten dat hij er letterlijk ziek van wordt. Want een oorlog is niet recht te zetten door er zelf één te voeren. Hij komt tot het inzicht dat het misschien anders kan: hij trekt langs scholen om daar voorlichting te geven over Jodenhaat, Jodenvervolging, anti-semitisme en vreemdelingehaat. Dat wordt de missie voor de rest van zijn leven. 
De frustratie van Abraham die ik zie als ik hem ontmoet is de frustratie van het nu: ondanks zijn voorlichting op scholen lijkt er nog maar weinig veranderd. 
In 1938 waren er honderdduizenden joden op de vlucht in Europa. In Frankrijk werd dat jaar voor het eerst een Europese top gehouden. Bijna alle Europese landen verzamelden zich in Evian en daar werd de vraag gesteld wie deze Joodse vluchtelingen zou opvangen. Geen enkel Europees land stak zijn vinger op. De argumenten van de landen om dat niet te doen: 
-Ze zijn een bedreiging voor onze cultuur, voor onze normen en waarden en bedreigen zo de saamhorigheid van onze samenleving
-Je weet niet wat je in huis haalt, misschien zitten er criminelen tussen
-Straks stelen ze onze banen, pikken ze onze huizen in.
-Er gaat een aanzuigende werking vanuit: laat je er 1 binnen dan willen ze allemaal van ons profiteren. 
Het zijn dezelfde argumenten die wij, 82 jaar later, gebruiken om de vluchtelingen vanuit Syrië, Afghanistan, Eritrea de toegang ontzeggen tot het Westen. En ze met tienduizenden in erbarmelijke omstandigheden in kampen in Bosnië, Servië, Slovenië, Bulgarije, Griekenland laten zitten. 
Het zijn dezelfde reflexen, dezelfde denkpatronen, dezelfde angsten. 
En daarom moeten we het blijven zeggen. Tegen elkaar. Aan de keukentafel, in de raadszaal, in de Tweede Kamer, waar dan ook. 
Maar vooral tegen elkaar. 
Pak een steen en blijf vertellen
Hoe gemakkelijk licht weer donker wordt
Als we een mens blijven verstoten
Omdat we denken dat hij er niet bij hoort
Pak een steen en kijk mij in de ogen
Met deze steen laat ik je zien
Dat ieder steentje een mens is
En ieder mens een steentje bovendien
En als we met zoveel stenen zijn
Zijn we met z’n allen in staat
Om te bouwen aan een toekomst
Een toekomst zonder haat.” 

Kaddisj door Donald Pagrach, bestuurslid Gouds Metaheerhuis

steentjes bij de 56 Stolpersteine