Vertrouwen in de overheid

Het is duidelijk dat het vertrouwen in de overheid een dieptepunt heeft bereikt. Dat willen we zo niet langer en de vraag is wat daaraan gedaan kan worden.

Om eerlijk te zijn, een snel en makkelijk antwoord daarop is er niet. Ook niet in de Goudse politiek. Ik wil in een aantal Blogs toch proberen om een begin van het antwoord te geven.

Deze eerste blog in een serie van drie gaat over de vraag of je fouten mag maken. Voor we zeggen: “natuurlijk mag dat, daar leer je van” zou ik graag een voorbeeld willen geven vanuit mijn beroep (accountant).

Een voorbeeld uit mijn werk

Kortgeleden stond er in ons vaknieuws een verslag van een rechtszaak tegen een accountant. Die had voor een bedrijf een jaarrekening opgesteld en kwam erachter dat hij in het voorafgaande jaar een fout had gemaakt. Zo te zien was de fout niet echt heel erg voor lezer van de jaarrekening.

Nadat de accountant de fout had ontdekt die hij in het voorgaande jaar had gemaakt ging hij bij de klant langs om die fout uit te leggen. Zijn boodschap was dat hij die nu echt moest herstellen. De klant was het daar niet mee eens en wilde dat de nieuwe jaarrekening op dezelfde manier zou worden gemaakt als het jaar daarvoor. De Accountant hield een rechte rug en uiteindelijk was het resultaat dat de fout toch werd hersteld.

De klant bleef boos en diende een klacht in bij de tuchtrechter. Die oordeelde uiteindelijk dat de accountant zelf had toegegeven dat hij een fout had gemaakt. En ondanks het feit dat de accountant de fout zelf had ontdekt en gecorrigeerd kreeg deze toch straf. Weliswaar een lichte en helemaal volgens de regels, maar toch een straf die voor iedereen zichtbaar is. De accountant had er ook voor kunnen kiezen om de fout te herstellen en niets tegen de klant te zeggen. Dat is ook niet goed maar ik vraag me af of de klant die correctie had gezien.

Mag je fouten maken?

Als je deze uitspraak leest is het antwoord op de vraag of je fouten mag maken opeens niet zo meer zo makkelijk. Blijkbaar betekent hier het toegeven en zelf herstellen van een fout dat je er toch voor gestraft kunt worden. Er is een gezegde dat ieder mens fouten maakt en dat je van het maken van fouten kunt leren. Daar ben ik het helemaal mee eens. Het is één van de belangrijkste onderdelen van het geven van onderwijs. En dat is wat anders dan afgerekend worden op fouten.

Laten we de vergelijking maken met de overheid.

Blijkbaar vinden de politiek en de overheid het lastig om fouten te bekennen. Ik denk dat iedereen daar wel een paar voorbeelden bij kan verzinnen. Dat niet durven erkennen van fouten is niet goed voor het vertrouwen. Het geeft dan ook geen kans om ervan te leren.

Wat vind de ChristenUnie

Daarom staan er in het verkiezingsprogramma van de ChristenUnie in Gouda een aantal uitgangspunten voor het herstel van het vertrouwen waar we de komende periode in de gemeenteraad aan willen werken. Ik noem er twee die passen bij dit verhaal:

De ChristenUnie wil bijdragen aan het bouwen aan vertrouwen door:

  • Te erkennen dat er fouten kunnen worden gemaakt, die toe te geven en ervan te leren.
  • Eerlijk te zijn over de keuzes die worden gemaakt en geen beloftes te doen die niet zijn na te komen.

Fouten maken en toegeven mag dus wat ons betreft. We willen geen afrekencultuur. Dat betekent overigens niet dat er nooit bestraft mag worden. Ook dat kan een consequentie zijn van een foute beslissing.

Gert van den Brink

In een democratie draait alles om samenwerking. Ook de Goudse raad neemt besluiten op basis van een meerderheid die een optelsom is van meerdere partijen. Maar hoe wordt er eigenlijk samengewerkt in Gouda? En met wie wordt er samengewerkt? Na deel 1 en 2 van Goudse raad in cijfertjes kijken we nu naar de samenwerking tussen de politieke partijen in Gouda.

Samenwerken

Om de samenwerking tussen partijen in beeld te brengen gebruiken we de cijfers van ‘mede-indienen en of steun geven aan elkaars moties, amendementen. Wanneer een partij bijv. een motie indient kunnen andere partijen er voor kiezen om deze motie vooraf mede in te dienen. Tijdens de besluitvorming kan er door de andere partijen dan nog voorgestemd worden of juist tegen de motie.

Al deze informatie is in beeld gebracht in tabel 3 waar je kunt aflezen hoe een partij (linker kolom) samenwerkt (steun geeft, mede-indient) met een andere partij (koptitel).

Tabel 3

 

Als voorbeeld kun je aflezen dat de PvdA (linker kolom) steunt geeft aan D66 en de ChristenUnie maar niet aan de VVD en SGP. En de VVD geeft geen steun aan D66 en PvdA maar wel weer steun aan het CDA en de SGP. Omdat GoPo alle moties in 2021 heeft ingetrokken is er geen data om de steun die andere partijen aan hen geven te laten zien. Wel is zichtbaar dat GoPo vooral steun geeft aan de VVD en GBG.

Als je alle steun bij elkaar optelt (en aftrekt) zie je in de onderste kolom dat de ChristenUnie de meeste steun ontvangt van de andere partijen gevolgd door D66. De partij die het minste steun krijgt van de andere partijen is de PvdD gevolgd door de SGP.

 

Als je dit vertaalt naar coalitie en oppositie partijen wordt ook inzichtelijk welke partijen steun geven aan de coalitie (geel gearceerd) of de oppositie in 2021. Dit is vooral boeiend omdat er veelvuldig in de gemeente raad het verwijt werd gemaakt dat er een tegenstelling is tussen coalitie-oppositie en dat er vooral langs deze tegenstelling werd gestemd door de partijen.

Op basis van de cijfers in tabel 4 blijkt dit echter niet te kloppen en vooral beleving te zijn. Alleen GoPo en VVD (en SGP beperkt) steunen de coalitie niet, de andere partijen wel. De oppositie wordt alleen gesteund door G50+, SP, GBG (en SGP beperkt) maar niet door GoPo, VVD en PVdD als oppositie-partijen. Op basis van deze cijfers is er dus geen tegenstelling langs de lijn coalitie-oppositie maar zien we eigenlijk drie groepen:

  • Geen steun: GoPo en VVD
  • Coalitie steun: coalitiepartijen en PvdD
  • Oppositie steun: SP, Gouda’s 50+ en GBG

 

Serie ‘Goudse raad in cijfertjes 2021’

Dit is het derde deel over 2021, klik hier voor de vorige delen:

Deel 1: Een drukke raad in 2021

Deel 2: Inzet en resultaat van Goudse partijen

 

 

Sinds 2014 laten we cijfers zien van moties, amendementen en schriftelijke vragen van de Goudse gemeenteraad. Hiermee krijgen we beeld bij de inzet van de afzonderlijke politieke partijen. Naast de inzet laten we ook zien wat het resultaat is, wel of niet aangenomen, wat iets zegt over de productiviteit.

 

Meerwaarde

Wat is de toegevoegde waarde van deze jaarlijkse terugblik? Dat is een vraag die ik me opnieuw heb gesteld bij het schrijven. In 2014 ben ik hiermee begonnen als raadslid die ontdekte dat veel van ons werk onbekend is en dat inzet en resultaat maar een beperkte rol speelt bij verkiezingen. Blijkbaar zijn we met elkaar gevoeliger voor mooie plaatjes en ronkende slogans dan voor feitelijke data. Daarom leek het mij waardevol om het aantal moties, amendementen en schriftelijke vragen objectief weer te geven. Al deze cijfers zijn eenvoudig te controleren en na te rekenen op basis van het Raadsinformatiesysteem van Gouda (RIS). Mijn reflectie op basis van deze cijfers is vanzelfsprekend persoonlijk maar geeft hopelijk wel inzicht in het stemgedrag van de Goudse gemeenteraad.

Inzet en resultaat

Naast de cijfers van de totale Goudse raad (zie deel 1) is het boeiend om in te zoomen op de inzet van de afzonderlijke partijen in 2021. Omdat de grote van de partij, het aantal zetels in de Goudse raad, mogelijk effect heeft laten we die ook zien. Hierbij zijn er in 2021 wel wat wisselingen geweest qua aantal partijen en hun zetels. Gouda’s 50+ partij is in het najaar opgesplitst in drie verschillende partijen, te weten Gouda’s 50+, Onafhankelijk Gouda en Vitaal Gouda. Omdat deze drie partijen geen inhoudelijke verschillen lieten zien qua stemgedrag heb ik ze als één partij weergegeven.

Grafiek 3

 

In het overzicht van grafiek 3 worden het aantal moties, amendementen en schriftelijke vragen weergeven, dit zijn de drie instrumenten van de raad die meegenomen zijn in de cijfers. In het overzicht wordt in beeld gebracht welke lokale partij het afgelopen jaar actief is geweest. Bovenaan staat de VVD gevolgd door de ChristenUnie en PvdA. Onderaan, dus het minst actief, staat Gouda’s 50+ gevolgd door het CDA en GroenLinks. Opvallend is dat partijen als PvdD en GBG met maar 1 zetel een dubbele inzet, qua drie instrumenten, leveren tov partijen als G50+ en CDA met 4 zetels.

Vanzelfsprekend zal de positie in de raad ook een rol spelen. Als coalitiepartij zul je minder noodzaak zien om moties, amendementen of vragen te stellen dan een oppositiepartij. Daarbij betekent ‘indienen’ niet automatisch ook resultaat in de politiek. Of een motie, amendement aangenomen wordt en of deze mede-ingediend of gesteund wordt bepaalt uiteindelijk je effectiviteit als politieke partij.

Tabel 1

 

Als we het percentage aangenomen moties en amendementen (52%) vergelijken met voorgaande jaren blijkt dat we minder effectief zijn als totale raad dan in 2020 (61%) maar effectiever dan in 2019 (40%). Tegelijk zijn er in tegenstelling tot 2019 nu drie partijen waarvan alle ingediende moties aangenomen zijn (100%): ChristenUnie, CDA en GrL.

Het minst effectief was GoPo die geen van de 6 ingediende moties (0%) aangenomen kreeg door de raad, gevolgd door GBG met 15% effectiviteit.

Het aantal ingetrokken moties, moties die wel werden ingediend maar tijdens de vergadering werden ingetrokken, is fors gestegen. In 2020 waren dat er 15 (12% van totaal ingediend) en in 2021 is dit verdubbeld naar 32 (25% van totaal ingediend). VVD en SP hebben beiden 7 moties ingetrokken gevolgd door de 6 moties van GoPo.

 

Wat is de productiviteit?

Naast de feitelijke cijfers qua inzet en het resultaat van aangenomen moties, amendementen is het boeiend om een formule voor productiviteit over alle partijen heen te leggen. Voor de ‘productiviteit’ reken ik met de inzet (ingediende moties etc.), de samenwerking (mede-ingediend) maar ook het resultaat (aangenomen). Hiervoor gebruiken we de volgende berekening: Inzet (ingediend tov totaal van moties/amendementen en art38) + samenwerking voor 40% (mede-ingediend tov totaal) + resultaat (aangenomen tov ingediend).

Dit is een puur statistische waardering die niets zegt over de inhoud en de impact van de afzonderlijke moties, amendementen en vragen. Wel kun je op basis van onderstaande tabel het verschil tussen de partijen weergeven en ook trends over meerdere jaren zien.

Tabel 2

 

In tabel 2 worden de productiviteitscijfers over de afgelopen jaren per partij weergegeven. Rood is weinig productief en groen is zeer productief, hierbij is de meest productieve partij per jaar omrand.

Gebaseerd op bovenstaande berekening van productiviteit is de ChristenUnie het meest productief in 2021 gevolgd door GrL en de PvdA. Het minst productief is GoPo net als in 2019 en 2020.

Wanneer je over de afgelopen jaren, sinds 2014, kijkt zie je dat in 2015 GoPo het meest productief was, in 2019 was dit de PvdA en de anderen jaren de ChristenUnie de meest productieve partij.

Het jaar 2021 was een veelbewogen jaar en niet alleen door de beperkingen van Corona. Politiek gezien waren er heel wat dossiers die de samenwerking tussen de raad onderling en met het college onder druk hebben gezet. Het is een hele opgave om ondanks meningsverschillen, die heel diep kunnen gaan, naar elkaar te blijven luisteren. Daarbij waren er ook periodes waar we elkaar niet fysiek konden ontmoeten wat ongetwijfeld effect heeft gehad op de onderlinge relaties. Toch is het goed om ook terug te blikken op 2021 vanuit de cijfers. Sinds 2014 maak ik op basis van de feitelijke cijfers uit het RIS (RaadsInformatieSysteem) van Gouda een terugblik.

Een drukke raad

Als we alle cijfers uit het RIS in beeld brengen zien we een drukke gemeenteraad in 2021. Via deze link kunnen we alle ‘schriftelijke vragen’ terugvinden, de zogenaamde art 39 vragen. Het vorige jaar zijn er in totaal 137 keer schriftelijke vragen gesteld door de afzonderlijke partijen.

Naast de schriftelijke vragen zijn er tijdens de Raadsvergaderingen moties en/of amendementen ingediend, 126x in 2021. Dit is vergelijkbaar met 2019 en 2020 maar ten opzichte van 2014 zien we wel een totale stijging qua inzet over meerdere jaren.

Nog even kort een samenvatting:

  • Amendement: tekstwijziging in een besluit
  • Motie: uitspraak of oproep van de raad waarmee het college aan het werk wordt gezet
  • Schriftelijke vragen: naast technische vragen zijn dit de ‘politieke’ vragen.

Ook al geven deze drie verschillende instrumenten geen totaal plaatje van alle werkzaamheden van een raadslid toch kun je op basis van deze cijfers wel iets zeggen over de ‘inzet’ van de gemeenteraad.

Grafiek 1

 

In grafiek 1 wordt weergegeven per jaar hoeveel moties/amendementen en schriftelijke vragen er ingediend zijn door de hele Goudse gemeenteraad. De stijgende lijn door de jaren heen is een duidelijke trend en geeft ook weer dat we als raad steeds drukker worden. Dit is ook merkbaar aan het aantal vergaderingen, 68 vergaderingen in 2021, waardoor we na de piek in 2014 weer een stijging zien over de jaren (grafiek 2). Hierin zijn nog niet alle regionale vergaderingen, werkbezoeken en werkgroepen meegerekend.

Grafiek 2

 

Naast de Besluitvormende raadsvergadering waar alle raadsleden aanwezig zijn wordt er vergaderd in commissies. In deze drie commissies zijn meestal alle partijen vertegenwoordigd, dat betekent voor een kleine fractie een forse aanslag op de vrije avonden. Met name commissie Stad heeft een erg intensief 2021 beleefd met 27 vergaderingen.